In duistere oorden, in diepten
‘Een lied, een psalm van de zonen van Korach, voor de koorleider, op Machalath
Leannoth; een onderwijzing van Heman, de Ezrahiet. …
Uw brandende toorn gaat over mij heen, Uw verschrikkingen doen mij omkomen.
De hele dag omringen ze mij als water, ze omsingelen mij, allemaal. Geliefden en
vrienden hebt U ver van mij verwijderd, mijn bekenden zijn duisternis.
Psalm 88:1; 17-19
Er zijn twee psalmen die niet met een positieve noot eindigen: Psalm 39 en 88.
Psalm 88 eindigt in het Hebreeuws met Chosjeg, wat ‘duisternis’ betekent. De naam Heman betekent: ‘betrouwbaar’ (1 Kron. 6:33-34). Hij was de kleinzoon van Samuel. Als Kahathiet droeg hij het heilige gereedschap van de tabernakel (Num. 4:4-15). Hij was als musicus apart gezet om vóór de tabernakel de Heere te loven (1 Kron. 15:16-21; 16:37-43). Hij werd met zijn familie de ziener van de koning (1 Kron. 25:5). Hij is een prachtig schaduwbeeld van de Heere Jezus (Hebr. 8:1-2). Jezus is méér! Heman eindigt zijn lied met duisternis, Jezus eindigt met de opstanding.
Deze psalm is zo waardevol voor mij geworden, omdat de dichter niet stopt met bidden. Spurgeon werd de prins der predikers genoemd, maar hij ging ook door zulke donkere perioden. Als wij in zo’n duisternis komen, betekent dat niet dat wij verloren zijn. Het betekent ook niet altijd dat wij gezondigd hebben. Dat vind ik zo mooi bij Job: Hij is nooit bij de Heere weggelopen en de Heere heeft hem uiteindelijk rijk gezegend; het tweede deel van zijn leven was beter dan het leven ervoor. Onze verlatenheid berust op bepaalde gevoelens, maar Jezus heeft het ten diepste ervaren (Matt. 27:46).
Een Vriend Die ons nooit verlaat
Heman verloor zijn vrienden. Wij die geloven, hebben een Vriend Die ons nooit verlaat. De knecht is niet meer dan zijn meester (Joh. 15:15; 13:16). Jezus zegt: In de wereld zult u verdrukking hebben, maar heb goede moed. Ik heb de wereld overwonnen. Die hemelse Vriend woont nu in ons door Zijn Geest. Daardoor zijn wij meer dan overwinnaars.
Wat was het rechte spoor voor de dichter Heman? God had hem in de onderste kuil gelegd, in duistere oorden, in diepten. Uw grimmigheid leunt op mij, U hebt mij neergedrukt door al Uw golven (Ps. 88:7-8). Horen wij hier niet profetisch de stem van de Heere Jezus? Hij was de Zoon van God van eeuwigheid. Hij kende het grootste geluk en nam de hoogste plaats bij de Vader in. Hij was bereid om op aarde geboren te worden als Mens.
Het loon van de zonde was de dood. Gods heiligheid eiste die straf. Omdat de mens Hem had onteerd, moest er ook een Mens sterven. Daartoe kwam Jezus uit de hemel. Zijn menswording was noodzakelijk om het offer voor de zonde te kunnen brengen.

Op Golgotha legde God Zijn Zoon in de onderste kuil. Hij leed drie uur in diepe duisternis. Gods grimmigheid, dat wil zeggen Zijn heilige toorn over onze zonden, kwam neer op het hoofd van Zijn enige geliefde Zoon. Alle golven van het oordeel spoelden over Hem heen. De Heere Jezus liet het allemaal gebeuren, zonder een woord van tegenspraak of innerlijk verzet. Zwijgend leed Hij uit liefde tot Zijn hemelse Vader en uit liefde voor ons allen.
Meelevende Hogepriester
De Heere Jezus is onze eeuwige en meelevende Hogepriester (Hebr. 4:14-16). Hij is bezig om Zijn plannen voor ons uit te werken. De laatste verzen van onze levenspsalm zijn nog niet geschreven, maar Hij weet al hoe die eruitzien.
Dus wacht nu maar rustig in geloof op Hem. Ze zijn echt de moeite van het wachten waard.
Heerlijk toch om nu al te leven met een wolk van getuigen rondom ons (Hebr. 12:1).

Zijn Shalom, Johan.
Met dank aan en toestemming van Johan Schep geplaatst. Zie ook: https://www.oudesporen.nl/Download/OS3919.pdf en www.johan-linda.com.
