Overgebleven Brokken (9): Vaten vol olie

Serie korte Bijbelstudies uit het O.T.

Deel 9: Vaten vol olie

‘Ga heen en vraag voor u buitenshuis kruiken, van al uw buren, lege kruiken; laat het er niet weinig zijn (…). Giet vervolgens olie in al die kruiken, en zet weg wat vol is.’.
2 Koningen 4:3-4

Bijbelse beelden van de vervulling met de Geest

Waarmee vullen wij het hart en het leven van de mensen in onze omgeving, bijvoorbeeld kinderen of anderen die de Heer nog niet kennen? Zij zijn allemaal te vergelijken met ‘lege kruiken’. Proberen wij ze te vullen met de dingen van God, met het Woord van God, met de dingen van de Heilige Geest? Laten wij niet twijfelen aan Gods beloften en dit werk, deze opdracht van Hemzelf, in het geloof beginnen en ook voltooien.

Een belangrijke voorwaarde daartoe is dat wijzelf ‘olie’ in huis hebben, zoals deze weduwe die had. De olie is hier, zoals op zoveel andere plaatsen, een beeld van de werking en de tegenwoordigheid van de Heilige Geest. Hij woont in de gemeente, het huis van God op aarde.

Het is van groot belang dat wij ‘olie’ in onze ‘kruiken’ hebben. Ons lichamelijk bestaan hier op aarde wordt namelijk vergeleken met een aarden vat (Matt. 25:4; Rom. 9:23; 2 Kor. 4:6-7; 1 Thess. 4:4; 1 Petr. 3:7). God kan het weinige dat wij bezitten, gebruiken en op wonderbare wijze vermeerderen – ook al is het maar een beetje ‘olie’. Wij moeten overigens niet te gering denken over de krachtige werking van de Heilige Geest, zoals deze geschiedenis wel aantoont.

Naast het vullen van de kruiken met olie, gebruikt de Schrift ook nog andere beelden:

  • (1) David spreekt over een volle en overvloeiende ‘beker’ voor de schapen van de Goede Herder (Ps. 23:5). Hier gaat het om het Woord van God in zijn verfrissende kracht, waaraan wij ons rijkelijk mogen laven.
  • (2) In de tegenwoordigheid van de Heer Jezus werden de aanwezige ‘vaten’, d.w.z. watervaten voor bepaalde wassingen in de feestzaal op Zijn bevel tot de rand toe gevuld met water. Dit veranderde Hij in wijn, een bron van vreugde voor de bruiloftsgasten (Joh. 2:6-10).
  • (3) De Heilige Geest is in ons ook een bron, een fontein van water, die springt tot in het eeuwige leven (Joh. 4:14; 7:37-39). ‘Dit nu zei Hij van de Geest’, lezen wij duidelijk in Johannes 7. Deze fontein lest onze eigen dorst en laat ook stromen van levend water naar buiten vloeien tot zegen van anderen in onze omgeving.

Het beeld van de watervaten in Johannes 2 laat ook zien wat de goede weg is om vervuld te worden met de Geest. Het reinigingswater spreekt hier van het Woord van God in zijn heiligende en reinigende kracht. Dit wordt veranderd in wijn. Dat betekent: het waterbad van het Woord is de voorwaarde voor een leven dat vol is van de blijdschap van de Heilige Geest (Joh. 15:3; Ef. 5:26).

Wanneer wij vol zijn van de rijkdommen van Gods Woord, maakt de Geest dat tot een bron van voortdurende vreugde. De wijn is een bekend beeld van blijdschap (Richt. 9:13; Ps. 104:15). Vandaar dat de apostel ons ertoe oproept het woord van Christus rijkelijk in ons te laten wonen, zodat wij een blij loflied kunnen zingen in ons hart en tot elkaar kunnen spreken in psalmen, lofzangen en geestelijke liederen (Kol. 3:16; vgl. de parallelplaats in Efeziërs 5:18-19).

Met dank aan en met toestemming van dhr. H. Bouter overgenomen.

Veel materiaal is speciaal geschreven voor het digitale magazine ‘Rechtstreeks’ (dit is gratis te downloaden via www.oudesporen.nl).

Vergelijkbare berichten