Meerdelige serie over “godsvrucht”
Godsvrucht is godvrezendheid en liefde tot God – Deel 17.
>> Het einddoel bereiken
“Ik heb de goede strijd gestreden. Ik heb de loop tot een einde gebracht. Ik heb het geloof behouden”
(2 Tim. 4:7)
De wedloop lopen van de godsvrucht
De godsvrucht is een kwestie van discipline. Zij vereist toewijding en volharding om het einddoel te bereiken. Toen Paulus in de gevangenis zat in Rome schreef hij aan de gelovigen te Filippi dat hij zijn doel nog niet had bereikt. Hij liep nog steeds de wedloop van de godsvrucht. Hij strekte zich nog steeds uit naar een diepere kennis van Christus en een grotere gelijkvormigheid aan Zijn beeld. Paulus was zeer gemotiveerd om dit door te geven aan zijn geestelijke zoon in het geloof: Timotheüs. Er is bij Paulus geen sprake van teleurstelling of sleur. Hij liep zijn wedloop met een sterk verlangen.

Goede strijd met eeuwigheidswaarde
Wat was de bron, waaruit Paulus zijn motivatie putte? De goede strijd heeft eeuwigheidswaarde want wij zullen daar boven zijn, wie de Heere hier van ons heeft kunnen maken. Hij was nog onderweg en leerde nog steeds nieuwe waarheden. Paulus jaagde ernaar (1 Tim. 6:11; 2 Tim. 2:22; 1 Pet. 3:11). Vanuit Fil. 3:12-14 zien wij dat Paulus uitziet naar de bedoeling van zijn leven en naar de beloning: “de prijs van de roeping van God, die van boven is, in Christus Jezus”.

Doel van ons leven
- De bedoeling van ons leven is, dat Christus ons bevrijdt van de zonden. Niet alleen de straf maar ook de kracht en de heerschappij van de zonde (Ef. 5:25-27).
- Het doel van Christus houdt nog meer in: in Tit. 2:14 spreekt hij over een eigen volk vol ijver in goede werken. Dat verwijst naar heerschappij: “Of weet u niet, dat uw lichaam een tempel is van de Heilige Geest, Die in u is en Die u van God hebt ontvangen, en dat u niet van uzelf bent?” (1 Kor. 6:19). De prijs die Paulus uit alle macht probeert te behalen is de hemelse heerlijkheid.
Van aards naar hemelburger
Paulus wist dat zijn burgerschap in de hemelen was (Fil. 3:20). Zijn gedachten waren niet gericht op de aardse dingen maar de heerlijkheid die hij zou ontvangen als de Heere Jezus zijn vernederd lichaam zou veranderen in een verheerlijkt lichaam. Als dat de prijs is, de heerlijkheid van het eeuwige leven, dan was Paulus er toch zeker van dat hij die zou willen behalen. Wij ontvangen dat geschenk alleen door het verlossend werk van de Heere Jezus aan het Kruis. Het is een geschenk van God (Rom. 6:23). Wij ontvangen het geschenk, uit genade, door het geloof (Ef. 2:7-9; Joh. 10:28).

Strijden om binnen te gaan
Dat maakt ons niet passief. Het produceert een streven naar dat hogere doel. “Strijdt om binnen te gaan door de nauwe poort, want velen, zeg ik u, zullen proberen binnen te gaan en het niet kunnen” (Luk. 13:24). De apostel die zei dat God “ons, overeenkomstig Zijn grote barmhartigheid, opnieuw geboren deed worden tot een levende hoop, door de opstanding van Jezus Christus uit de doden, tot een onvergankelijke, onbevlekte en onverwelkbare erfenis, die in de hemelen bewaard wordt voor u” (1 Pet. 1:3,4).
Paulus zei ook: “Daarom, broeders, beijver u des te meer om uw roeping en verkiezing vast te maken; want als u dat doet, zult u nooit struikelen” (2 Pet. 1:10). Paulus ziet de twee kanten die ‘vrienden zijn’: de onafscheidelijke liefde van de Heere Jezus en het zelf dienstbaar willen zijn aan Hem (Rom. 8:39; 1 Kor. 9:27). Waarom streefde Paulus vol verlangen naar meer? Het was de liefde van Christus die hem drong (2 Kor. 5:14). De heerlijkheid van de hemel trok hem ook aan (1 Kor. 2:9). Hij verlangde naar de stem van de Heiland om van Hem te horen: “Goed gedaan, trouwe dienaar”. In Fil. 3:12-14 schrijft Paulus dat hij nog steeds bezig is met de wedloop.

Wanneer de wedloop ten einde loopt
In 2 Tim. 4:7 schrijft hij dat zijn wedloop bijna ten einde is: “Ik heb de goede strijd gestreden. Ik heb de loop tot een einde gebracht. Ik heb het geloof behouden”. Als wij aan het einde van onze wedloop komen, laten wij dan hetzelfde navolgen wat Paulus tegen Timotheüs zei: “…oefen uzelf in de godsvrucht. Want de oefening van het lichaam is van weinig nut, maar de godsvrucht is nuttig voor alle dingen, omdat zij de belofte van het tegenwoordige en van het toekomende leven heeft”.
Dat is LEVEN!
Met dank aan en toestemming van dhr. J. Schep geplaatst. Zie ook: www.johan-linda.com.
Andere, door dhr. J. Schep, geraadpleegde bron: “Heer U bent mijn doel” van Jerry Bridges.
